Een Westerling in Wommels (4)

Het wonen in het andere deel van het land, dan het westen is niet alleen het missen van files, overvolle treinen, gejaagde yuppen bij de AH kassa, maar het gaat ook om andere ‘zaken’.

Soberheid.

Is er één van. Het dagelijkse leven in Friesland is niet alleen sober, maar stemt ook tot tevredenheid. Een fancy kledingzaken, hippe barrista’s, dure auto’s. Die zie je mondjesmaat.
Mijn kledingzaak gaat niet verder dan de zaak om de hoek, of de praktische kleding van de Welkoop. Is het zo dat de mensen hier minder verdienen? Er een lagere levenstandaard op na houden? Maar toch intens gelukkig zijn? Met wat ze hebben.

Zo lijkt het wel. De burgemeester van Leeuwarden noemde het bij zijn aanwezigheid bij “Dit Was Het Nieuws”, het leven in Friesland is langzamer. En niets is minder waar. De rij bij de bakker, de mensen die geduldig wachten om bij de slager naar binnen te kunnen. Omdat er maar 2 of 3 in de winkel aanwezig mogen zijn.
De kassabon die je van het Jumbomeisje krijgt waarna ze daarna pas de volgende klant gaat helpen.
Er is tijd en oog voor elkaar. Een praatje op straat, zonder dubbele agenda. Gewoon omdat je onderdeel bent van een gemeenschap van bijna 1200 zielen.
De ‘Diggelfjoer’, het twee wekelijks gratis boekje van en over Wommels. In het Fries en in het Nederlands. Goed voor mijn taalontwikkeling.

En sinds kort het goede nieuws dat er ook hier glasvezel aangelegd gaat worden. De weg naar het modernere leven is ook hier een beetje te vinden.
Maar bus 92, door het dorp naar Bolsward en Leeuwarden, zal verdwijnen. Opstappen mag je nu bij de snelbus langs de ‘snelweg’. De N weg waar je ook 100 mag rijden.

En in de ochtend en de avond wanneer ik met de hond op patrouille ga, dan verbaas ik me over de hoeveelheid sterren die ik boven mij zie schitteren. Of hoeveel licht de maan, half of vol, afgeeft in donker Friesland.

Het leven in Friesland bevalt ons goed. Het verbaasd ons dat we de dingen die wij in het midden van het land gewoon vonden, hier niet missen.


Zelfs de houtstook, dat volksport nummer 1 hier is, kan ons bekoren.

Een westerling in Wommels (3)

Terwijl Steve Winwood door de speaker zingt, bedenk ik mij opeens dat de tijd snel gaat. In november 2019 van Amersfoort naar Wommels verhuisd. Van het midden in het land naar het Fryske Gea. En doordat de corona perikelen langzaam opdrogen en wij met zijn allen op weg zijn naar een soort van nieuw normaal, hoor ik op Waterstad FM, de lokale Friese radio zender, de file informatie.

Dat doet mij beseffen wat ik hier in Friesland mis, of juist niet. De file informatie. Onwerkelijk om te horen dat de file lengte op een dag 300 kilometer is.
Was in Amersfoort de dichtstbijzijnde aan de overkant van het veld, de A28 richting Nijkerk of naar Utrecht, het was om het even.
De dichtstbijzijnde file hier in de buurt is die op de Afsluitdijk. En die zal verdwijnen zodra de werkzaamheden daar gereed zijn. Het was een rare gewaarwording om te merken dat de file geen aandachtspunt voor mij (meer) zijn.

En zo zijn er nog meer verschillen met het wonen in het Midden Van Het Land en het wonen in Friesland. Wat te denken van de rust en de ruimte. De sterrenhemel die elke heldere nacht indrukwekkend is. De schonere lucht die ik elke dag inadem. Maar ook de saamhorigheid in een kleine gemeenschap als Wommels. De kaatsclub, de fanfare, het buurthuis waar altijd wel wat te doen is.
Maar ook de bedrijvigheid, het werk aan de tuinen dat met veel maaien gepaard gaat, de tractoren die met hoge balen stro door het dorp rijden. En o ja, niet te vergeten de F 35 die van vliegbasis Leeuwarden soms over komen vliegen.
Om tot de ontdekking te komen dat de F35 toch een bak meer herrie produceren dan de afgedankte F 16’s.

Natuurlijk merken wij ook hier dat de huizenprijzen stijgen. Dat huizen in de verkoop snel van de hand gaan. Vooral in steden als Leeuwarden en Sneek. Door het thuiswerken en de bereikbaarheid van het midden van het land komen meer westerlingen erachter dat wonen in het Noorden, zo gek nog niet is.
Maar wennen zal het wel zijn. De notaris in Bolsward zei ons, toen wij de overdracht deden, dat hij wel meer westerlingen zag komen.
“Dan gaan ze in Pingjum wonen, in de middle of nowhere, om er later achter te komen dat er niets te beleven valt. Om vervolgens gillend terug te keren naar Amsterdam.”

Dat zal ons niet gebeuren.

Over Epke

In april 2020 ben ik op de aarde terecht gekomen. Moeder Dinte en vader Bear zaliger zijn hier verantwoordelijk voor. En natuurlijk Jansje, baasje van Dinte, zonder haar was ik er natuurlijk ook nooit geweest.

Toen ik oud genoeg was, toen Dinte ook genoeg van mij had, kreeg ik een nieuw huis. Ik bleef in Friesland, want daar hoor ik thuis. Vind ik zelf.

Het is een fijn huis, want alles wordt voor me geregeld: eten, slapen, drinken, knuffels, speeltjes. Ik ging op cursus, ik zag andere hondjes. Dat was indrukwekkend, en dat was wel leuk. Beetje dollen in het veld. Een kunstje leren en goed luisteren.
Toen was het een hele tijd stil. Geen cursus. Baasjes waren de hele dag thuis. Kennelijk was in het mensen land iets aan de hand.

Ondertussen groeide ik als kool en woog als snel 35 kilo. De dierenarts vond dat prima. Ik word vaak meegenomen op patrouille door het dorp waar ik woon. Er is veel te beleven, veel te ruiken. Ik zie ook boten voorbijkomen.
Ik kom ook wel eens andere honden tegen. Zelfs Wetterhounen, dat is het leukste. Maar nu ik wat ouder word vind ik dat allemaal minder spannend. Leuk hoor, maar laat mij maar lekker struinen en snuffelen.
Na lange tijd ging ik weer naar school, maar dat was geen succes. Ik werd als ‘die zwarte hond’ aangesproken en ook nog ‘Friese dwarskop’. De Vrouw was woedend en ik ging naar een andere school.
Daar is het veel beter, daar leren ze tenminste dat de mensen mij begrijpen en ik moet niets. En zo leer ik het beste om een goede Wetter te zijn. En geen Peter Pan. Het is ook reuzefijn om de mensen te begrijpen en zij mij.
De juf op school zegt wel dat ik een energieke Wetter ben. Ik weet niet of dat nu een compliment is of niet.

Ik heb geen oudere Wetter bij me die dat allemaal kan leren, want wat zijn mensen ingewikkeld zeg.
Nu ik wat ouder aan het worden ben kan ik mijzelf ook wel redden. Laat mij maar lekker mij gang gaan. Ik hou de baasjes in de gaten, want zonder hen zou ik nergens zijn.
Ik bewaak het erf. Vooral die dikke zwarte kat van de buren, die moet niet te dicht in de buurt komen, dan laat ik even horen wie de baas is.

Eten is ook wat ik graag doe: in het begin kreeg ik brokken, maar op een gegeven moment was ik daar wel klaar mee. Nu krijg ik lekker rauw vlees als pens, hart en rundvlees, met kleine brokjes. Dat is pas smullen. Als ik het op heb, kan ik lekker mijn bek aflikken en ga ik fijn in het gras liggen rollen. Lekker chillen!

Dan ga ik met De Man op patrouille. Meestal bepaal ik de route en als we lang onderweg zijn, weet ik het soms niet meer dan zegt De Man: “Kom Epke, het is weer mooi geweest we gaan naar huis.” Dat vind ik ook fijn. En loop ik lekker naast hem terug naar huis. Met mijn tong uit mijn bek in een sukkelgangetje.
Thuis krijg ik altijd een dikke knuffel. Kennelijk vinden ze het leuk dat ik zo braaf meega.

En ’s avonds ga ik mee naar boven en slaap ook op de slaapkamer. Heel vaak naast het bed en soms kruip ik even bij de Mensen op bed. Lekker warm en knus.

Door het bos wandelen vind ik het leukst. Lekker door de bladeren rommelen, takjes meenemen, tegen bomen pissen. Heerlijk. Het is dan wel van belang of ik linksom of rechtsom mijn plas doe.

Open vlaktes vind ik nog een beetje spannend, kruispunten in het dorp, op het strand of wad. Want dan kan ik zoveel zien en ruiken en zo ver zien. Tjonge dat moet ik nog een beetje leren.

Wat wil je later worden, vragen ze wel eens. Misschien dat ik wel de jacht leuk vind, maar snuffelen vind ik ook heel leuk en maakt mij blij.
Maar wie weet ga ik ook meehelpen om het Friese Wetter ras in stand te houden. Dan moet ik ooit nog eens een leuk Wetter teefje tegenkomen. Maar daar moet ik nog eens goed over na denken.

Tot nu toe heb ik een geweldig Wetter leven.  Ik ben een blije hond. Nu ga ik weer lekker slapen.